Praktijkcase elektrificatie deelautovloot Rotterdam
In Rotterdam is eind 2025 vrijwel de volledige deelautovloot geëlektrificeerd. In deze praktijkcase laten het Nationaal Kennisplatform Laadinfrastructuur (NKL) en gemeente Rotterdam zien hoe zij dit hebben aangepakt: van locatiekeuze voor laadplekken en deelautoplaatsen tot het werken met station-based en zone-floating systemen. Deze praktijkcase bundelt ervaringen, randvoorwaarden, knelpunten en lessen uit de praktijk, zonder nieuw onderzoek te doen. De case biedt gemeenten en andere betrokkenen houvast bij het vormgeven van hun eigen aanpak rond elektrificatie van deelauto’s.
Wat is het?
Een compacte praktijkcase over de elektrificatie van de deelautovloot in Rotterdam. In samenwerking met de gemeente Rotterdam beschrijft het Nationaal Kennisplatform Laadinfrastructuur (NKL) hoe de gemeente:
- de ambitie “eind 2025 alle deelauto’s elektrisch” heeft uitgewerkt in concrete stappen;
- samen met aanbieders locaties voor parkeervakken en laadpunten heeft geselecteerd (met o.a. digitale GIS-analyses en sessies per stadsdeel);
- omging met technische beperkingen (netcapaciteit, stoepbreedte, bomen, buiten- of binnendijks) en interne processen;
- de verschillen en afhankelijkheden tussen station-based en zone-floating in de praktijk heeft ervaren.
De praktijkcase biedt een realistisch beeld van de dagelijkse keuzes, knelpunten en oplossingen bij het elektrificeren van een bestaande deelautovloot.
Voor wie?
Deze praktijkcase is relevant voor beleidsmakers, adviseurs en projectleiders die willen sturen op duurzame mobiliteit. De case helpt gemeentes keuzes te maken rond de elektrificatie van deelauto’s en direct te koppelen aan lokale mobiliteits- en openbare ruimte opgaven.
Waarom deze praktijkcase?
De elektrificatie van deelautovloten klinkt vaak als een logische beleidskeuze, maar in de uitvoering blijkt het ‘monnikenwerk én maatwerk’:
- elke parkeerplek vraagt om een afweging van kabels, stoepbreedte, bomen, zichtbaarheid en netcapaciteit;
- interne werkprocessen en communicatie bepalen mede hoe snel ingrepen op straat gerealiseerd kunnen worden;
- de keuze tussen station-based en zone-floating heeft directe gevolgen voor ruimtegebruik, laadbehoefte en klachten van bewoners.
De praktijkcase van Rotterdam laat zien wat er achter de schermen nodig is om een ambitieuze elektrificatiedoelstelling haalbaar te maken, en welke lessen andere gemeenten kunnen meenemen in hun eigen aanpak.
Wat zit erin?
In deze praktijkcase vind je onder andere:
-
Overzicht van het stappenplan van Rotterdam
Hoe de gemeente van ambitie naar uitvoering ging: van concessie-afspraken en locatieonderzoek tot besluitvorming en realisatie. -
Randvoorwaarden voor locatiekeuze
Een samenvatting van de belangrijkste voorkeuren van deelauto-aanbieders (zoals zichtbaarheid en type parkeervak) én de eisen aan laadpalen (stoepbreedte, afstand tot bomen, positie ten opzichte van woningen, netaansluiting). -
Twee operationele modellen in de praktijk
Uitleg van station-based en zone-floating systemen, inclusief de manier waarop Rotterdam beide modellen toepast in de stad. -
Voor- en nadelen per model
Overzicht van effecten op gebruikerservaring, flexibiliteit, ruimtegebruik, storingsgevoeligheid en inzet van laadinfrastructuur, inclusief risico’s als laadpaalkleven, spookvakken en bewonersoverlast. -
Operationele en organisatorische lessen
Inzichten over doorlooptijden, interne afstemming, foutgevoeligheid bij het inrichten van vaste plekken en de impact van technische storingen (bijvoorbeeld defecte laadpalen) op de beschikbaarheid van deelauto’s. -
Toepasbare tips voor andere gemeenten
Praktische aanbevelingen zoals: werk samen met aanbieders, zorg voor urgentie, gebruik digitale tools, combineer station-based en zone-floating waar nodig, en regel technische mitigaties en werkprocessen.
Credits
Deze praktijkcase is opgesteld in opdracht van het Nationaal Kennisplatform Laadinfrastructuur (NKL), in samenwerking met beleidsmedewerkers van de gemeente Rotterdam.



